ENGLISH

 

 
 
 

HISTORIE

 

1905 - 17 januari - 2005

 

Teunis Vink I

(*1861 – 1932)
Directeur van 17-01-1905 tot 06-07-1928

Oprichter van de smederij met herstelwerkplaats in 1905.
Gedecoreerd met de Gouden Medaille van de Maatschappij tot Redding van Drenkelingen voor het langdurig reanimeren van een 1,5-jarige jongen in 1900.


 
Teunis Vink II

(*1893 – 1959)
Directeur van 06-07-1928 tot 05-07-1948

Maakte in 1928 de overstap van reparaties aan stoommachines naar de verkoop, inbouw en onderhoud van dieselmotoren. Doorstond de oorlogsjaren dankzij zijn vindingrijkheid.
Verkreeg in 1950 het Nederlands Octrooi op zijn ontwerp voor een gemotoriseerde veegboot, welke door diverse waterschappen werden gebruikt ter bestrijding van overtollige watervegetatie. 


 
Teunis Vink III

(*1923 – 1991)
Directeur van 05-07-1948 tot 01-01-1991

Bracht de bedrijfsactiviteiten tot verdere bloei na het verkrijgen van het officiële DAF dealerschap. Heeft diverse verkoopprimeurs op zijn naam staan, onder andere in 1948 met de eerste Caterpillar scheepsdieselmotor in Nederland (sleepvlet “Pieta”), de allereerste door DAF Eindhoven geproduceerde scheepsdieselmotoren, motortype DD 575 M (veerpont van Brakel) in 1958, en de eerste DAF turbo-aftercooled scheepsdiesel, type DKS 1160 M (motorbeunschip “Albatros”) in 1977.  

 

John Ronckers

(*1958 – 2008)
Directeur van 01-01-1991 tot 01-02-2008

Hij heeft in 1991 de leiding van het bedrijf overgenomen, waarna DAF in 1992 al snel de productie van scheepsdieselmotoren afbouwde en uiteindelijk geheel staakte. Door in 1998 het dealerschap van MAN binnen te halen en in 2004 ook Doosan (Daewoo) heeft het bedrijf onder zijn leiding een stevige positie in de markt verworven. Hij begeleidde Vink Diesel als pilotbedrijf voor de verdere ontwikkeling van het Unit 4 Multivers softwarepakket. John was zeer betrokken bij het bedrijf en maakte werkweken van 60 uur.


 
Een eeuw Vink in Sliedrecht
Op 17 januari 1905 begon Teunis Vink I als smid voor zichzelf, nadat de gemeente Sliedrecht hem hiervoor een hinderwetvergunning had verleend. Hij huurde een houten loods, waar hij een smederij inrichtte voor het repareren en onderhouden van stoominstallaties in de binnenvaart, baggerindustrie en poldergemalen.

Teunis Vink I was volgens de overlevering een rasechte stoomfanaat en leverde goed werk af. Al snel werd een medewerker aangenomen en werkten twee van zijn zoons, Andries en Teunis Vink II, ook mee in de zaak. De smederij zou tot begin 1918 in gebruik blijven, waarna het bedrijf verhuisde naar de huidige locatie aan de Rivierdijk in Sliedrecht-Oost.

             In de smidse met pet, baard en pijp oprichter Teunis Vink I en rechts van hem zijn
             zoon
Teunis Vink II
.

 

Van stoomaandrijving naar dieseltechniek

In 1928 nam Teunis Vink II de leiding over en verlegde de bedrijfsactiviteiten van stoommachines naar dieselmotoren. Aangezien scheepsmotoren op dat moment nog niet voorhanden waren bouwde hij Ford benzinemotoren uit de A-Ford auto om tot scheepsmotor. Deze motoren werden veelal ingebouwd in parlevinkervletten. Hij wist het bedrijf overeind te houden tijdens de moeilijke crisisjaren en de daarop volgende Tweede Wereldoorlog. Tijdens de oorlogsjaren wendde Teunis Vink II zijn vaardigheden als smid aan om zonder de beschikbaarheid van originele onderdelen motoren toch aan de praat te houden. Het scheepvaartverkeer werd gedecimeerd tijdens de laatste oorlogsjaren als gevolg van brandstofschaarste en het toenemend gevaar van geallieerde luchtaanvallen. Teunis Vink II begon toen met het produceren van onder andere koolzaadmolens voor de winning van plantaardige olie en vergassingsketels om benzineauto's op gas te laten rijden.

                                               Een parlevinkervlet omstreeks 1930.

 

Firma T. Vink en Zonen
In 1947 werd Teunis Vink II getroffen door een hersenbloeding en vanwege de daaruit volgende fysieke belemmeringen moest zijn zoon Teunis Vink III onverwacht de leiding van het bedrijf overnemen. In 1948 werd de Fa. T. Vink & Zn. opgericht en traden beide zoons Teunis Vink III en Arie Aginus Vink toe als vennoot. Teunis Vink II bleef achter de schermen nog een aantal jaren actief als technisch adviseur. Hij ontwierp onder andere een veegboot voor de diverse waterschappen, die daarmee veel arbeidsintensief maaiwerk in vaarten en kanalen vervingen door deze veel snellere mechanische methode. In 1950 werd zelfs een Nederlands Octrooi verleend op zijn vinding.

 
                                              De veegboot in bedrijf.

 

De bloeiperiode
Teunis Vink III bracht het bedrijf vanaf de jaren vijftig tot ongekende bloei door veel rijnaken van sleepschip om te bouwen tot motorvrachtschip. In 1958 werden de eerste contacten gelegd met de Eindhovense vrachtwagenfabrikant Van Doorne’s Automobielfabriek, beter bekend onder de merknaam DAF, toen deze haar eigen dieselmotorenfabriek opende. DAF wilde haar motoren ook leveren aan de scheepvaart en industrie en ging begin jaren zestig een dealerovereenkomst met Vink aan. Door deze merkvertegenwoordiging slaagde Teunis Vink III erin grote klanten aan zich te binden.

Het bedrijf richtte zich op drie speerpunten:
1. het verkopen en repareren van DAF motoren
2. de technische inbouw van motoren
3. de handel en verhuur van werkvletten.

Deze strategie bleek zeer succesvol en vele duizenden DAF dieselmotoren vonden via Vink hun weg naar grote en kleine gebruikers. Teunis Vink III had een aangeboren gevoel voor de handel. Met evenveel gemak deed hij zaken met grote en kleine aannemers, die een kraan of stroomaggregaat nodig hadden, als met reders, baggeraars en schippers en dat met een groot enthousiasme.

 

 
              Het jubileumbord uit 1955 ter ere van het 50-jarig jubileum.

 
De eerste originele DAF marinemotoren die de Firma Vink geleverd heeft werden in 1958 ingebouwd in de veerpont Brakel.

 
VERKOOPLIJST UIT 1958    VEERPONT BRAKEL 

 

De vierde generatie
In 1986 werden de motoren- en inbouwactiviteiten opgesplitst, waarbij Teunis Vink III de motorenactiviteiten voortzette onder de nieuwe bedrijfsnaam Vink diesel bv. Op 1 januari 1991, zeer kort voor zijn overlijden, gaf Teunis Vink III de leiding over aan zijn zoon Teunis Vink IV, dochter Petra Vink en schoonzoon John Ronckers.
DAF maakte na haar faillissement begin 1992 een doorstart en bouwde de scheepsmotorenproductie in fases af om deze uiteindelijk vlak voor de eeuwwisseling geheel te staken.

In 1997 leverde en installeerde Vink diesel bv haar eerste MAN scheepsdieselmotor. De motor werd verkocht aan Rijkswaterstaat Directie Zuid-Holland voor ms. "Echo". 

 

                                                ms. "Echo" na de hermotorisering.


 
De MAN motorenrange bleek een goed alternatief te zijn voor de inmiddels niet meer leverbare DAF scheepsmotoren. Er kwam overleg met de importeur van MAN op gang. Per 1 januari 1998 verwierf Vink diesel bv het officiële MAN dealerschap voor de snellopende scheeps- en industriemotoren uit de MAN-fabriek in Nürnberg.

Per 1 november 2004 verwierf Vink diesel bv het officiële dealerschap voor DAEWOO scheeps- en industriemotoren. Dit nieuwe dealerschap was een welkome aanvulling op de bestaande range met de MAN motoren.

 
              De DAEWOO V222TI scheepsmotor, 530 kW / 720 pk bij 1800 rpm heavy duty.

 

100 jaar Vink

Op 17 januari 2005 bestond Vink 100 jaar.
Een eeuw lang stoommachines, dieselmotoren en 4 generaties Vink.

Dat werd gevierd op 21 januari 2005 met een receptie en open huis. Naast klanten en personeel werden ook familie en oud-medewerkers uitgenodigd voor het feest.

Op de werf werd een feesttent geplaatst met een opening naar het bedrijfspand, zodat de genodigden de revisie- en samenbouwwerkplaats en het magazijn konden bezichtigen. In het onderdelenmagazijn was tevens een stand van Finnkat ingericht.

Ook Mercy Ships, het goede doel waaraan gedoneerd kon worden, was aanwezig met een paraboolstand. 

 
 
Tijdens het officiële gedeelte werd een toespraak gehouden door de heer J. Franssen, Commissaris van de Koningin van de Provincie Zuid-Holland. Een extra feestelijke gebeurtenis daarbij was de uitreiking van het predikaat “Hofleverancier”, waarmee het Hof haar respect, de waardering en het vertrouwen voor Vink diesel bv uitte.
 
 
Ook de heer M.C. Boevee, burgemeester van de gemeente Sliedrecht en de heer  T. Muller, voorzitter van de Kamer van Koophandel Rotterdam kring Drechtsteden hielden een toespraak en overhandigden kado’s.
De heer T. Vink sloot het officiële gedeelte af met een dankwoord en een toost, waarna de sprekers een rondleiding door het bedrijf aangeboden kregen.
 
 
's Avonds werd er een buffet geserveerd voor 200 gasten. Het werd een druk bezocht en volgens de genodigden een geslaagd feest!
 
 
Nieuwe ontwikkelingen
Verbrandingsmotoren en milieuproblemen worden al vele jaren in één adem genoemd en beschermende maatregelen konden dan ook niet uitblijven.
Vink diesel volgt deze ontwikkelingen op de voet en speelt hierop in door tijdig voorbereidingen te treffen.

Het resultaat is twee importeurschappen van uitlaatgasnabehandelingssystemen:
In 2002 verkreeg Vink diesel het importeurschap van de Finse onderneming Finnkat, producent van gepatenteerde oxidatiekatalysatoren
In 2005 het importeurschap van Greentop, leverancier van roetfiltersystem en SCR-katalysatoren.

Tijdens de Europort Maritime 2005 beurs was Vink diesel aanwezig met een eigen stand. Hierop werd het Greentop programma getoond en een gebruiksklaar uitlaatgassennabehandelingssysteem dat werd opgebouwd op een MAN voortstuwingsmotor.
 

                                                      De stand op de Europort Maritime 2005 beurs.